WAAR
LAG HET PARADIJS?
Columbus
heeft zijn hele leven gedacht, dat hij het Paradijs had ontdekt. In
Venezuela wel te verstaan. Marco Polo was de eerste Europeaan, die
Peking bereikt. De Chinese keizer bevestigde hem, dat het Paradijs
ten zuiden van zijn gebieden lag. Het is dan ook in die richting dat
deze ontdekkingsreiziger zijn weg vervolgde.
Door
de Kruistochten werd voor de Europeaanse christenen de Bijbel
werkelijkheid. Bijbelverhalen konden in het Heilige Land bevestigd
worden. De lijdensweg van Jezus, zijn graf en de plek waarop hij werd
gekruisigd, de graven van de Aartsvaderen, de geografie; dit alles
kon men nu bekijken, aanraken en proeven.
Hierdoor
werd voor het voor de bezoekers ook aannemelijk, dat er ooit een
Paradijs heeft bestaan. Geen metafoor, maar een geografische locatie.
De
Paus zond zelfs een delegatie naar het Oosten, maar deze raakte
verloren en keerde niet naar Jeruzalem terug. Het geloof in het
bestaan van de Tuin van Eden werd versterkt door brieven, die in
Europa in hofkringen circuleerden. Brieven van een christelijke
vorst, priester Johannes genaamd, die een machtig rijk in het Oosten
bestuurde en beweerde dat het Paradijs op reisafstand van zijn rijk
te vinden was. Lang hoopten de kruisridders, wier positie steeds
wanhopiger werd, dat deze christelijke heerser, hen te hulp zou komen
om de Saracenen te verslaan. Dit gebeurde niet en het Heilige Land
ging verloren en werd onderdeel van de Islamitische wereld.
De
Bijbel is op veel plekken geografisch en historisch nauwkeurig en
correct. Het Boek der Boeken is wat betreft de Hof ook precies. Er
is sprake van vier rivieren, ontspringend vanuit één plek. In
Genesis worden ze bij naam genoemd. De Tigris en de Eufraat zijn ook
nu nog bestaande rivieren. De andere twee de Pison en de Gichon zijn
echter onbekend. In deze tuin staan naast een rijkdom aan fruitbomen
en ander gewas, een tweetal bomen. Adam en Eva wordt door God
verboden om van de boom van de kennis van goed en kwaad te eten. De
slang verleidt Eva om dit toch te doen. In afbeeldingen van deze
scene wordt vaak een appel gebruikt, als de verboden vrucht. De
Bijbel doet hier geen uitspraken, maar in het Latijn, dat vanaf de
vroege Middeleeuwen de officiële taal van de Rooms-Katholieke kerk
was, betekent malus, zowel appel als kwaad. Symboliek dus. God
verdrijft zijn kinderen uit deze weldadige omgeving naar het Oosten.
Cherubijnen (hoge engelen) bewaakten de toegang tot de hof en de boom
des levens.
Na
de Reformatie werden bijbelverhalen vaker symbolisch uitgelegd. Zo
ook, het verhaal over de zondeval en de verdrijving uit de
oeromgeving van de mens.
Recentelijk
zijn er geleerden, die beweren de werkelijke lokatie van het Paradijs
te hebben gevonden. Via satellietfotografie is aangetoond, dat
behalve de Eufraat en de Tigris, er nog twee rivieren in de (huidige)
Perzische Golf uitkwamen. Dit kunnen zeer wel de Pison en de Gichon
zijn geweest. Door klimaatverandering zijn deze rivieren verdroogd en
verdwenen. De Perzische Golf had toen ook niet de omvang van heden
ten dage. De zeespiegel was in het verleden tot wel 150 meter lager.
Je kon toen van Nederland naar Engeland lopen, maar ook de Perzische
Golf was toen een rivier. En dan blijkt de Bijbeltekst opeens veel
duidelijker. "Er ontsprong in Eden een rivier om de hof te
bevochtigen, en daar (nabij de huidige Eufraat en Tigris) splitste
zij zich in vier stromen." (van zuid naar noord gezien). De
verdrijving naar het Oosten is dan ook logisch. De eerste
beschavingen ontsprongen in het vroegere Mesopotamië.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten